DSD biedt meer emotie Oct 08 by Floor van der Holst in News

Verschenen in Music Emotion, september 2015 – tekst: Ruud Jonker

De tijd dat de elektronische industrie formaten voorschreef, iedereen de oude media bij het grof vuil zette en als willoos vee overschakelde op standaarden zoals VHS en CD, eindigde ook abrupt met deze twee breed gedragen media. Momenteel leven we in een multiformat en multistandard wereld. Ten eerste zijn daar nieuwe technieken zoals bestanden, streaming en storage op solid state memory devices. Ten tweede is er een enorme revival van de ‘good old’ elpee en is er hernieuwde belangstelling voor open reel. Ten derde draait de consument thuis gewoon alles wat los en vast zit. Edison cilinders, schellak-platen, 8-tracks, minidiscs, DAT-tapes, Blu-rays, dvd’s en compact cassettes. De website NativeDSD.com is een initiatief van Jared Sacks (eigenaar en producer van Channel Classics) en is eind 2013 van start gegaan. De site biedt uitsluitend downloads in het formaat DSD. Direct Stream Digital, aldus Jared, blinkt uit in het communiceren van emotie en ruimtelijkheid en is het enige digitale medium waarmee de muziek volledig ‘los’ van de luidsprekers gepresenteerd wordt. In dit artikel wat achtergrondinformatie en een interview met Jared.

“Vroeger verdienden platenmaatschappijen aan artiesten, maar kregen die artiesten zelf ook een behoorlijk aandeel. Op dit moment zien allerlei partijen die geen enkele affiniteit en liefde met muziek hebben het verkopen van downloads en streaming puur als een middel om geld te verdienen over de rug van de labels en hun artiesten. Het is onbegrijpelijk dat labels zich niet wereldwijd verenigen om daar tegen in opstand te komen. Aan de andere kant, moderne media kunnen een geweldig promotiemiddel zijn voor artiesten, dus het is ook weer begrijpelijk dat labels er aan meewerken. Native DSD wil zich sterk maken voor het DSD-format en promoot niet alleen de artiesten en DSD-opnamen van Channel Classics, ook andere platenmaatschappijen die opnemen in DSD zijn welkom op onze site. Labels en hun artiesten krijgen de royalty’s die ze toekomen.”

DSD
De eerste kennismaking van het grote publiek met DSD verliep in de vorm van de SACD-schijf met bijbehorende speler. Dit nieuwe medium leidde niet tot een massale marktpenetratie. Hoewel Sony en Philips in eerste instantie flink campagne voerden, trokken ze zich later terug. De licenties op de CD-standaard waren verlopen en DSD ontwikkelde zich niet snel genoeg. Dat neemt niet weg dat met name Sony indertijd een aantal baanbrekende CD- en SACD- spelers in de markt heeft gezet. Veel audiofielen waren zich ook niet bewust van de betere geluidskwaliteit. Er was zelfs een discussie over de toegevoegde waarde van multichannel SACD, alsof dat nog niet volstrekt duidelijk was. Dat heeft de industrie ook aan zichzelf te danken, want SACD-demo’s (stereo en multichannel) waren zelden overtuigend en veel content providers plaatsten gewoon 16-bit PCM materiaal, omgezet naar DSD, op de SACD-schijf. De consument beleefde dan uiteraard geen groot verschil tussen de CD-layer en de SACD-tracks. Native DSD opnames werden door veel DAC’s ook simpelweg ge-‘downsampled’ naar PCM. Het principe van DSD berust op Delta- Sigma conversion. Dat wordt vanaf de jaren tachtig toegepast in veel converters. Feitelijk had de consument (met een Delta-Sigma CD-speler) in die tijd al DSD in huis. Bij de Delta-Sigma modulatie wordt het analoge signaal namelijk omgezet in DSD en vervolgens vertaald naar PCM en op een CD gezet (in de studio). Bij de consument thuis wordt er vanaf de CD PCM gelezen. Dat wordt omgezet in DSD en vervolgens in analoog. Dat tussenliggende PCM-stuk vormt het probleem. De conversies vergen complexe algoritmen met alle bijbehorende geluidsmatige problemen. Wat een SACD-speler (en studio-converter) in feite doet is dat tussenstuk, waarbij het signaal in PCM-vorm leeft, weglaten. De A/D-converter levert DSD en dat wordt op de SACD-schijf geschreven. De D/A-converter in de speler leest DSD vanaf de schijf en zet dat om in analoog. Studio’s gebruiken al lange tijd DSD. Het wordt geschreven met de sample rate van 2.8224MHz (64 x 44.1kHz), de ‘double rate’ van 5.6448MHz (128 x 44.1kHz) en tegenwoordig zelfs de ‘quad rate’ van 256 x 44.1kHz, ook wel 256fs DSD. Voor de consument zijn er momenteel betaalbare en gebruiksvriendelijke converters beschikbaar die deze DSD-formats omzetten naar analoog. Een standaard (64)DSD-signaal heeft een theoretische bandbreedte van 2.8224MHz. Een 96kHz PCM signaal haalt 48kHz en een 192kHz PCM signaal haalt een bandbreedte van 96kHz. Het nadeel van pure Delta-Sigma converters, die ge-quantiseerd zijn naar 1-bit, is de beperking van de dynamische range. Om dat probleem op te heffen wordt er gebruik gemaakt van noise-shaping, waardoor de dynamiek binnen de audioband goed is. Formeel heet het noise-shaped delta-sigma signaal DSD. Boven de 20kHz neemt de ruis geleidelijk toe. Bij double-DSD stijgt de ruis pas boven de 40kHz. Het voordeel is dat de ruis geen relatie heeft met het muzieksignaal en het niet problematisch is voor ons gehoor. Er zijn dus voordelen aan het DSD formaat. Double- en quad DSD bestanden zijn echter groot en vergen veel opslagcapaciteit en downloadtijd. Streaming van zulke enorme bestanden zal nog wel even op zich laten wachten. In het navolgende interview verhaalt Jared Sacks, eigenaar van het klassieke platenlabel Channel Classics en oprichter van de website Native DSD, over dit initiatief en over zijn visie op DSD.

Jouw loopbaan?
“Mijn roots liggen in Amerika en op mijn 18e jaar kreeg ik de kans om in een orkest te spelen in Zwitserland. Daarvoor studeerde ik aan het Oberlin Conservatory in Amerika. Toen ze mij in Zwitserland vroegen te blijven om daar te werken en te spelen vond ik dat leuker dan terug te keren naar het conservatorium in Amerika. Ik ben anderhalf jaar gebleven, maar de Zwitserse meisjes wilden niks met Amerikaanse jongens te maken hebben, dus ik dacht: ik moet hier weg. Eerder had ik een schnabbel gedaan met Adriaan van Woudenberg, destijds de eerste hoornist van het Concertgebouw (zelf ben ik ook hoornist) en die vroeg of ik naar Nederland zou willen komen. In Amsterdam heb ik toen het conservatorium afgemaakt én een Nederlands meisje ontmoet. Alleen maar in een orkest op een hoorn spelen was het niet helemaal voor mij. Ik woonde inmiddels in de Kanaalstraat in Amsterdam, waar de naam voor mijn label ‘Channel Classics’ is ontstaan. Op de zolderverdieping was een groot atelier dat ooit gebruikt werd om schilderijen te restaureren. Ik repeteerde er met mijn ensembles en we begonnen huisconcerten te organiseren. Steeds meer muzikanten kwamen er repeteren en concerten geven. In Amerika werkte ik bij de radiozender van de universiteit en luisterde ik veel naar muziek. Daar is denk ik mijn interesse voor het maken van opnames begonnen. In 1983 kocht ik mijn eerste microfoons. Na een tijdje stonden er op diezelfde zolder een Tascam met DBX ruisonderdrukking en twee AKG’s. Met een pvc-buisje maakte ik galm. Zo werden de huisconcerten opgenomen en de muzikanten kregen als dank een opname van het concert.
Ik begon het opnemen steeds leuker te vinden en tussen 1983 en 1985 bouwde ik dat verder uit. Bij TransTec kocht ik Nakamichi cassetterecorders. Met twintig van die machines werden kopies gemaakt van de demo opnames die ik begon te maken. De slaapkamer veranderde in een control room en al snel kwam de vraag om een professionele opname te maken. In 1985 begon Sony met de F1, wat de eerste digitale machine was. Deze was eigenlijk bedoeld voor de consument, maar het was een perfecte machine voor mijn doeleinden. Er werden Betamaxen gebruikt en het Engelse bedrijf HHB maakte software om met die machines te kunnen monteren. Dat was in 16bit/44/48kHz. Je kon in die tijd geen crossfade maken, maar HHB bouwde een kastje waarmee dat kon. Het kostte tienduizend gulden en ik had een banklening nodig om het te kunnen kopen. Het werd steeds drukker. Vervolgens ging ik naar alle studio’s in Nederland en vroeg om een intentieverklaring. Als ik een echt professioneel Sony-systeem zou kopen, dan wilde ik voor de studio’s de mastering kunnen doen. In 1987 kocht ik voor 180.000 gulden het 1610 opname en editing systeem, later de 1630 en de PQ-code editor. In 1988 zat ik in de Kanaalstraat alles voor EMI Records Nederland te doen.

Zij stuurden opnamen naar mij en ik maakte de master voor de CD’s. Onder andere Disky hoorde tot de klanten, maar ik gebruikte de apparatuur natuurlijk ook voor mijn eigen opnamen. Het bedrijf groeide en in 1989 had ik grotere werkruimte gevonden en 24 man in dienst. Er waren twee studio’s en drie shifts per dag. Er kwamen in die tijd al veel verzoeken om opnamen te maken, ook voor projecten waar ik eigenlijk geen zin in had. Ik wilde het liefst mijn eigen label beginnen, met muzikanten waar ik mee op kon bouwen. In 1990 begon ik met Channel Classics Records. Het was vallen en opstaan. Er waren in die tijd veel mensen bij mij in dienst, waaronder ook Bert van der Wolf (Turtle Records) en Tom Peters (Cobra). Toen de markt voor mastering minder werd – iedereen kon dat op een gegeven moment gewoon thuis doen – heb ik uiteindelijk de Amsterdamse studio verkocht. Met het label ging ik verder, Channel Classics Records bestaat nu vijfentwintig jaar en er staan bijna vierhonderd opnames in de catalogus. Philips vroeg mij in 2001 om DSD verder te helpen ontwikkelen en te implementeren. Via Hein Dekker (Philips) ben ik binnengekomen bij het Budapest Festival Orkest. Met hen werk ik nu al zo’n veertien jaar. Net zoals eerder met de Sony Editor, ga ik me DSD helemaal eigen maken. Ik heb geprobeerd om andere labels ook zover te krijgen, want DSD biedt meer emotie en je hebt veel meer het gevoel dat je deel uitmaakt van het proces. Dat heb ik persoonlijk niet met PCM. Ik heb altijd de beste technologie willen gebruiken die voorhanden is. Misschien is er volgende week wel weer iets beters.”

Van Meridian?
“Tja, daar kunnen we ook een lange discussie over hebben, maar voor mij staat DSD nog steeds in de kinderschoenen. Het blijft verbeteren, maar het menselijk oor heeft grenzen. Feitelijk is de afstand tussen je oren en de luidsprekers het grootste probleem. Met hoofdtelefoons verminder je dat, maar met zo’n ding de hele dag op je hoofd, daar word je ook niet blij van. Bij cone-systemen heb ik ook mijn vragen. Ik heb liever een hele goede elektrostaat. Het geeft veel meer leven en diepte.”

Verschillen tussen al die digitale standaarden?
“Het DSD signaal produceert geluid dat los komt van de luidspreker. Het is geen blok met geluid en dat is wat ik meteen hoor. Dat is het fundamentele verschil tussen PCM en DSD.”

Tijdsgedrag?
“Ja, dat is het zeker. Maar goed, tijdsgedrag is ook een beetje vaag. In dit geval is het geluid los en het dynamiekbereik groter. Aan de opnamekant kun je met DSD veel dichter bij de sound source, komen zonder dat je het gevoel hebt dat het in je gezicht is. Neem een opname van Deutsche Grammophone, dat is allemaal heel mooi en prachtig, maar achter die opnames steekt een bepaalde filosofie voor de grote massa. En ik wil de emotie in mijn opnamen horen. De juiste verhouding tussen het directe geluid en de ruimte daaromheen. Het gevoel dat je hebt op de vijfde rij en niet dat op de twintigste. Daar helpt DSD bij. Ook kun je met multichannel veel doen. Bij popmuziek sturen ze de mixdown helemaal naar eigen smaak.”

Maar, dat is een creatief proces an sich.
“Voor ons is het heel strak. In een multichannel opname moet er een balans zijn tussen het directe geluid en de ruimtelijkheid. Multichannel is de ‘icing on the cake’. De extra emotie krijg je door die ruimte. Maar tegelijkertijd moet ook de stereomix goed klinken.”

DSD single, double en quad?
“Dat is de volgende discussie. Vijftig procent van de DSD-downloads komt uit Amerika. Vooral de quad DSD downloads zijn heel hot daar. Belangrijk is de komst van de nieuwe converters van Merging (Merging Technologies). De chip registreert op 256fs. Intern kun je dan schakelen naar 128, 64 of DXD, maar de snelheid is dus al 256fs. De ruis wordt geoctaveerd, klinkt hoger en is daarmee makkelijker om weg te filteren. Normaal gebruik ik alleen de converter van Grimm, maar een paar maanden geleden hebben we bij een opname in Budapest naast DSD 64fs (Grimm) ook in DSD 256fs (Horus) opgenomen. Er zitten praktische voordelen aan de Horus – er zit a/d en d/a in, je hoeft dus niet rond te slepen met meerdere kastjes en dat betekent weer dat er minder kabels mee hoeven. Er staat inmiddels een track op de website in beide versies op ‘members.nativedsd. com’. De luisteraars mogen dan uitmaken welke converter er mooier klinkt! Hoe meer bits hoe beter? Wat mij betreft is het net zoals met foto’s of film; er is een grens, want beeld en geluid kunnen er ook klinisch van gaan uitzien en klinken. De Grimm is zo muzikaal, maar het registreert geen 128fs en 256fs. Toch zal het voorlopig mijn ultieme voorkeur blijven houden voor de registratie en beleving van muziek. Net als de van den Hul 3T kabel waar ik zeer aan gehecht ben en geen afstand van kan nemen.”

Nou hebben jullie nog mooie CD’s.
“De CD is nog steeds een belangrijk promotiemiddel voor de artiest zelf. Het is een visitekaartje. In Engeland, Japan en Korea worden CD’s goed verkocht. Het wordt wel minder en verkoop van downloads vangt dat nog niet helemaal op, maar er is wel meer marge. Bij Spotify moet je, bij benadering en afhankelijk van de artiest, 50.000 streams hebben om dezelfde omzet te hebben als bij de verkoop van één CD. Daarom ben ik een jaar geleden gestopt met Spotify, zeker voor alle nieuwe releases. Het is goed voor de promotie van de artiest, maar als label ben je snel verdwenen. Ik kies liever andere manieren voor promotie. Mag de consument alsjeblieft blijven betalen voor de kwaliteit die artiesten en platenmaatschappijen leveren? Dus, voor Channel blijft de (SA)CD belangrijk, juist omdat het een promotiemiddel voor onze artiesten is. Vaak maak ik daarom een limited edition.”

Multichannel downloads?
“Op Native DSD is alles in stereo en meestal ook multichannel beschikbaar. zijn als iemand een echte multichannel hoofdtelefoon kan ontwikkelen. Niet met van die simpele foefjes, zoals uit fase zetten, maar een systeem waar je geen hoofdpijn van krijgt. Dan zal multichannel veel sneller de weg vinden naar de consument.” Vijf luidsprekers graag… “Ach, er is nu een hele beurs alleen over hoofdtelefoons. Maar, nogmaals het gaat over muziek. Mensen willen gewoon muziek horen, bijvoorbeeld tijdens het koken, het werk. Hoeveel mensen gaan voor de luidsprekers zitten? Echt ‘actief’ zitten…? Het mooie van multichannel is dat je niet in de hotspot hoeft te zitten om de ruimtelijkheid en de emotie te ervaren. Vijf enorme luidsprekers in de woonkamer is niet voor iedereen even prettig. Je moet een tussenweg vinden.” Veel belangrijk materiaal is in PCM. “Ja, maar er zijn honderden sites voor PCM. Wij willen de oude analoge opnames opnieuw direct naar DSD omzetten en samen met de opnames die daadwerkelijk in DSD zijn gemaakt, aanbieden. Bij ons kun je dus terecht voor alles dat met DSD te maken heeft. Als je momenteel ziet hoeveel DSD-DAC’s er al in de markt zijn, ongelofelijk! Van simpele USB-converters tot aan een onbetaalbare DCS. Met name het Poolse bedrijf Lampizator is erg goed.” Channel materiaal op analoge tape? “Nee, ik ben toen begonnen met PCM. De eerste 150 opnamen zijn gewoon in PCM. In 2001 kwam de eerste DSD-opname uit.” USB-interface als blijvertje? “Ja, het werkt. Het is zo’n beetje standaard geworden. Straks, als het direct de server ingaat, is die interface niet meer nodig. Philips en Sony zijn al lang uit de verdere ontwikkeling van DSD gestapt. Laatst belde ik Sony Music in Duitsland over een opname die ik in voor hen in DSD had gemaakt, maar ze waren niet geïnteresseerd.” Artiesten en DSD? “Artiesten en audiosystemen vormen Een quad DSD multichannel album is zo’n groot bestand dat we het niet op de site zetten. Als je het wilt hebben dan sturen we een memorystick. Normaal stereo (64) is 3 Gbyte. Multichannel is 7 Gbyte. Native DSD heeft ook een combi-aanbod, wat betekent dat je de stereo en multichannel versie voor een speciale prijs kunt kopen. In de toekomst krijgen we ook streaming in DSD, maar dan moet je wel in een stad met een goede glasvezelkabel zitten. Die downloads nemen wel sterk toe en de browsers zijn in staat om dat allemaal binnen te halen. Wat wij moeten doen is het afspelen gebruiksvriendelijk maken. Het moet zo zijn dat je het hele computergebeuren kunt bypassen. Bovendien moet het voor iedereen te doen zijn. Dat gaat ook wel gebeuren, maar we zitten in een overbruggingsperiode. Het moet eenvoudiger worden. Met één druk op de knop moet het straks automatisch op je NAS komen.”

Thuis multichannel bestanden afspelen?
“Met de exaSound d/a converter (zie de Native DSD-site), is het inderdaad mogelijk multichannel bestanden thuis af te spelen. Dit is maar een klein kastje. De e28 is zeer betaalbaar en kan zelfs achtkanaals afspelen. Er komen meer multichannel DAC’s. Het zou ook mooi zijn als iemand een echte multichannel hoofdtelefoon kan ontwikkelen. Niet met van die simpele foefjes, zoals uit fase zetten, maar een systeem waar je geen hoofdpijn van krijgt. Dan zal multichannel veel sneller de weg vinden naar de consument.”

Vijf luidsprekers graag…
“Ach, er is nu een hele beurs alleen over hoofdtelefoons. Maar, nogmaals het gaat over muziek. Mensen willen gewoon muziek horen, bijvoorbeeld tijdens het koken, het werk. Hoeveel mensen gaan voor de luidsprekers zitten? Echt ‘actief’ zitten…? Het mooie van multichannel is dat je niet in de hotspot hoeft te zitten om de ruimtelijkheid en de emotie te ervaren. Vijf enorme luidsprekers in de woonkamer is niet voor iedereen even prettig. Je moet een tussenweg vinden.”

Veel belangrijk materiaal is in PCM.
“Ja, maar er zijn honderden sites voor PCM. Wij willen de oude analoge opnames opnieuw direct naar DSD omzetten en samen met de opnames die daadwerkelijk in DSD zijn gemaakt, aanbieden. Bij ons kun je dus terecht voor alles dat met DSD te maken heeft. Als je momenteel ziet hoeveel DSD-DAC’s er al in de markt zijn, ongelofelijk! Van simpele USB-converters tot aan een onbetaalbare DCS. Met name het Poolse bedrijf Lampizator is erg goed.”

Channel materiaal op analoge tape?
“Nee, ik ben toen begonnen met PCM. De eerste 150 opnamen zijn gewoon in PCM. In 2001 kwam de eerste DSD-opname uit.”

USB-interface als blijvertje?
“Ja, het werkt. Het is zo’n beetje standaard geworden. Straks, als het direct de server ingaat, is die interface niet meer nodig. Philips en Sony zijn al lang uit de verdere ontwikkeling van DSD gestapt. Laatst belde ik Sony Music in Duitsland over een opname die ik in voor hen in DSD had gemaakt, maar ze waren niet geïnteresseerd.”

Artiesten en DSD?
“Artiesten en audiosystemen vormen een moeizame combinatie. Ze komen luisteren en vinden het geweldig, maar ze spelen en horen zo veel dat het terugluisteren in 1 bit minder interessant is. Laatst was ik ergens en sprak ik een Nederlandse recensent. Hij riep: ik kon niet luisteren want mijn computer is kapot. Tja, doe ik mijn best met fraaie DSD-multichannel opnamen en dan is zijn computer defect? Aan de andere kant als het een goede opname is, kun je dat ook horen op een computer. Misschien zit er een goede geluidskaart in. Hoe dan ook, wie ben ik om te zeggen hoe je moet afluisteren? De jeugd zit met die rotoortjes in en luistert naar zwaar gecomprimeerde muziek. Prima als dat hen luisterplezier bezorgt! Maar ze weten niet wat ze missen. Mijn passie voor goede opnames is groot en ik hoop dat iedereen zo muziek gaat beleven.”

Hoe loopt de site?
“Er zijn altijd wel wat technische issues, we hebben het vanaf scratch helemaal zelf gebouwd. Alle labels hebben alle ruimte om hun product te promoten. Ze kunnen via de achterkant zelf de site op. Dat kan met geen enkele site. We hebben nu meer dan 30 labels op Native DSD, wat betekent dat wij momenteel met 550+ DSD albums de grootste DSD catalogus ter wereld hebben. Tegenwoordig zijn er veel producers die bijvoorbeeld met de Horus opnemen, wat een goede promotie is voor het DSD formaat. Op NativeDSD.com staat bij elk album technische informatie over de DSD opname vermeld. En op het Native DSD Youtube kanaal zijn filmpjes te zien waarop luisteraars hun DSD passie delen. Iedere week wordt er meer muziek, educatie en hardware toegevoegd aan de site. Zo bouwen we aan een DSD-community.”

Files uitwisselen?
“Dat gebeurt gewoon. Dat kun je niet tegenhouden. We anticiperen op het respect van de consument voor de artiest. Als iedereen de bestanden illegaal gaat delen met elkaar, is het binnenkort gewoon voorbij met al die sites. Streaming zou dat op kunnen lossen, maar er zullen altijd consumenten blijven die de files willen bezitten.’

Verdienmodel?
“Een percentage van de verkoop. De opbrengst steken we in ontwikkeling en onderhoud. We hebben dus content nodig om uit de kosten te komen. Gelukkig zijn we nu begonnen met het toevoegen van de gehele Pentatone catalogus, meer muziek betekent meer downloads. Bovendien gaan we samenwerken met hardware partners. Wij bevelen de beste kwaliteit DAC’s, koptelefoons en portable players aan op onze site en die bedrijven zorgen er weer voor dat hun klanten naar ons toekomen voor de muziek! En dat allemaal to preserve, distribute and broaden the art of native DSD recordings!”

Door: Ruud Jonker

Floor van der Holst

Floor van der Holst

Floor is Head of Marketing & Promotion at NativeDSD Music

Comments are closed.